Wil
jij graag hoge kwaliteit mobiele toegang tot je e-mail en
bedrijfsgegevens als je voor je werk op pad bent? Wil je op
specifieke locaties moeiteloos overschakelen op een snellere
(of goedkopere) netwerkverbinding? En wil je bovendien dat
alle diensten precies zijn afgestemd op jouw persoonlijke
voorkeuren, behoeftes en context? Met het 4GPLUS project komen
deze wensen uit.
4GPLUS
- Fourth Generation Platform Launching Ubiquitous Services
Volgens de initiatiefnemers
van Freeband Kennisimpuls hebben wij in 2010 overal en altijd
de meest optimale toegang tot digitale diensten, informatie
en contacten. Onafhankelijk van het (mobiele) netwerk of het
type terminal dat wij gebruiken en helemaal op ons toegesneden.
Onze mobiele terminal blijft in deze visie altijd in verbinding
met de zogenaamde backbone. Of we nu toegang hebben gekregen
via zogenaamde 2,5G technologie, zoals GPRS, via de nieuwe
3G technologie, zoals UMTS, of via lokale, draadloze netwerken,
zoals WLAN. En als we onderweg tussen netwerken wisselen,
blijft onze verbinding - optimaal - bestaan.
De combinatie van heterogene netwerken
die de gebruiker toegang geven tot de backbone, duiden wij
aan met de term 4G, de vierde generatie mobiele netwerken.
De eindgebruikers, maar ook de diensten-leveranciers, willen
van al deze netwerken en omgevingen gebruikmaken, zonder kennis
van de onderliggende technologieën. En natuurlijk volledig
toegesneden op persoonlijke voorkeuren en context. Om dat
te realiseren moeten de heterogene netwerken onderling gegevens
over actieve applicatiesessies, gebruikerscontext en -profielen
uitwisselen. Dit vereist nogal wat. Het sleutelwoord voor
de oplossing is "federatief".

Typerend voor
de huidige situatie zijn dienstspecifieke netwerken, zoals
de vaste en draadloze, telefonienetten, vaste en draadloze
datanetwerken in bedrijfsomgevingen en kabelnetwerken voor
de omroepmedia. Bij deze netwerken vindt configuratie en uitwisseling
van gegevens slechts binnen het netwerkdomein plaats en niet
tussen de verschillende netwerken. Gebruikers kunnen zich
daardoor niet verplaatsen tussen de diverse netwerken en daarbij
hun dienst en gegevens automatisch meenemen. Een telefoongesprek
op een GSM wordt bijvoorbeeld niet automatisch overgezet naar
de goedkopere, vaste telefoonaansluiting zodra de gebruiker
thuiskomt.
Momenteel zien we de ontwikkeling van
dienstspecifieke naar ontbundelde netwerken: er ontstaat een
gelaagde netwerkstructuur die applicaties (diensten), intelligentie
(service control) en connectiviteit (netwerk) van elkaar scheidt.
Als de mobiele gebruiker van toegangsnetwerk wisselt omdat
hij zich verplaatst, zorgt de service control laag ervoor
dat de dienst wordt aangepast, en persoonlijke voorkeuren
mee- en overgenomen worden naar de nieuwe gebruikerscontext.
De federatieve
aanpak van het platform dat het 4GPLUS project onderzoekt
en ontwerpt, sluit hierop aan. Federatief wil zeggen dat er
geen centrale autoriteit is die gebruikers- en sessiegegevens
bijhoudt en uitwisselt. Op service control laag niveau onderhandelen
de betrokken domeinen met elkaar en verdelen de taken. Het
4GPLUS-platform integreert verschillende mobiele en draadloze
netwerken en omgevingen en onderhandelt op een veilige en
betrouwbare manier over de toegang tot - en eigenschappen
van- diensten. 4GPLUS onderzoekt, ontwerpt en implementeert
concepten die nodig zijn voor de prototype platform uitvoering.
Focus van
het 4GPLUS project
Federatieve
service control is met de huidige stand der techniek verre
van vanzelfsprekend. Oplossingen voor diverse onderzoeksvraagstukken
zijn nodig voor de realisatie van deze faciliterende infrastructuur.
Interoperabiliteitsvraagstukken van heterogene netwerken hebben
de focus binnen 4GPLUS , zoals:
- Architectuur voor federatieve service
control op basis van heterogene mobiele en draadloze netwerkomgevingen.
- Mobiliteitsmanagement met aandacht
voor (verticale) handoffs: correcte, veilige en dynamische
overdracht van de mobiele terminalverbinding van de ene
naar de andere netwerkentiteit.
- Multimedia session control met als
centraal vraagstuk hoe je een dienstensessie op een correcte
manier - dynamisch en transparant -continueert (met optimale
media kwaliteit) bij wisseling van gebruikersterminal en
netwerk en bij fluctuaties in het aantal gebruikers.
- Een prototype platform dat de functionaliteit
implementeert en aantoont, en daarmee een proof of concept
vormt van de bovenstaande onderzoeksvragen.
Deelnemende
partijen


Looptijd
1 mei 2002 -
1 april 2004
Projectleider
Herma van Kranenburg
(Telematica Instituut)
Postbus 589
7500 AN Enschede
E-mail: Herma.vanKranenburg@telin.nl